Land van herkomst:
Columbia langs de kusten tot Cauca en de Magdalana-vallei en in het gebied van Santa Marta. Verder in het noorden, langs de kust van West-Venezuela.
Er bestaan vier ondersoorten:
-Aratinga wagleri wagleri = Waglers aratinga
-Aratinga wagleri transilis = Venezuela aratinga
-Aratinga wagleri frontata = Peru aratinga
-Aratinga wagleri minor = Kleine Peru aratinga

Bijzonderheden:
Iin Europa werden ze slechts zelden ingevoerd en dan nog meestal in de dierenparken. Kruisingen met de  Jendaya-parkiet zijn mogelijk gebleken, maar men moet dergelijke handelswijze niet goedkeuren gezien het kweken van bastaarden.
De vogels nuttigen veel bladgroen, bloesems, twijgjes van wilg en fruitbomen, fruit en een grote variatie gras- en onkruidzaden, dit naast de normale parkietenmengeling.
In de natuur broeden ze vaak in bijna ontoegankelijke gebieden waar ze gebruik maken van gaten en spleten in rotsen als nestgelegenheid.
In de volièren gebruiken ze echter moeiteloos de aangeboden nestkasten.
Deze vogel is ook geschikt als woon- of studeerkamervogel, dan wel in een ruime kooi; na verloop van een verrassende korte tijd worden ze een vertrouwelijk en tam huisgenootje. Ze zijn uitermate intelligent en leren snel allerlei trucjes.
Wildvang vogels hebben de neiging hun luidruchtige krijsstem te laten horen, maar in ons land gekweekte exemplaren laten zelden hun stem horen.
Peru aratinga