De Lori van de Blauwe Bergen behoort tot de familie van de regenbooglori’s. Die familie telt maar liefst 20 soorten. De Lori van de Blauwe Bergen is één van de meest voorkomende parkietensoorten in Australië. Ze leven in het oosten en het zuidoosten van Australië en op Tasmanië. Ze leven zowel per paar, in kleine familiegroepjes als in grote vluchten. Soms zitten er honderden vogels bij elkaar zich te goed te doen aan de bloemen van een bosje bloeiende eucalyptusbomen. Ze eten voornamelijk nectar, bloemen, fruit, bessen, pollen, zaden knoppen en insecten. Ze kunnen heel wat schade toebrengen aan boomgaarden (vooral appel en peer) en aan graanvelden. Ze zijn heel opvallend en luidruchtig. Ze bruisen van activiteit wanneer je ze tussen de takken ziet klimmen. Ze zijn alleen te benaderen wanneer ze aan het eten zijn. Anders valt dat wel moeilijk. Vaak zijn ze ook samen te zien met de Dusky Lori en de Geelstrepenlori. In de vlucht houden ze voortdurend contact met de soortgenoten beneden in de bomen. Hun roep wordt door hen beantwoord. Soms bezoeken ze ook ver afgelegen eilanden. Ze zijn niet bang om een eind over zee te vliegen. Tijdens de vlucht slaken ze voortdurend hun kreten.
Ze nestelen in holle boomstronken of takken van dode bomen. Gewoonlijk zeer hoog. De bodem van het nest is bedekt met fijngeknaagd hout. Het legsel bestaat uit 2 of 3 eieren. Broedduur bedraagt 25 dagen. Na 7 à 8 weken vliegen de jongen uit. Nog lang na het uitvliegen, keren de jongen ‘s avonds naar het nest terug om te slapen.
In de volière zijn het sterke vogels, actief en nieuws-gierig. Na een tijdje komen ze aanhankelijk. Meerdere paren kunnen alleen samengehouden worden in zeer ruime volières. Tegenover andere soorten zijn ze agres-sief.

Lori van de blauwe bergen